Wat te doen bij pesten?

Deze procedure heeft de volgende doelstellingen:

1. Het bieden van de mogelijkheid tot het uiten van een klacht omtrent pesten, agressie en geweld.

2. Het bieden van richtlijnen bij het oplossen van deze klachten.

Kenmerken van pesten

Pesten is niet hetzelfde als plagen. Bij plagen zijn de
machtsverhoudingen gelijk: nu eens is de een ‘het lijdend voorwerp’ en dan weer de ander. Bij plagen is er sprake van een incident.
Vaak is het een kwestie van elkaar voor de gek houden. Bij plagen loopt de geplaagde geen blijvende psychische en/of fysieke schade op en is meestal in staat om zich te verweren. Pesten is structureel. Pesten kan de kinderen echt tot wanhoop brengen.

Wat is pesten?

Pesten heeft een aantal duidelijke kenmerken:

  • Pesten gebeurt opzettelijk
  • Pesten is bedoelt om schade toe te brengen (fysiek, materieel of mentaal);
  • Bij pesten is er altijd sprake van ongelijke machtsverhoudingen
  • Pesten gebeurt systematisch
  • Pesten houdt niet vanzelf op, maar wordt erger als er niet wordt ingegrepen
  • Pesten is van alle leeftijden en komt in alle groepen en culturen voor, maar dit stuk is met name gericht op kinderen.

Wie pesten er en wie worden er gepest?

Kinderen die pesten lijken vaak sterke kinderen in een groep.
Het kunnen kinderen zijn die problemen hebben in de thuis situatie, die voortdurende strijd om de macht in de groep voeren, omdat zij zich verloren voelen in de groep. Door te pesten proberen zij indruk te maken op de groep, door een ander naar beneden te halen vijzelen zij hun eigenwaarde op.

Het is gebleken dat pesters erg impopulair zijn bij andere kinderen (hoewel dat soms niet zo lijkt). Ze hebben doorgaans geen idee van wat ze aanrichten en hebben daardoor weinig schuldgevoelens.

Het is ijdele hoop om van hen te verwachten dat zij vanzelf wel met pesten ophouden. Kinderen die gepest worden zijn meestal onzeker, voorzichtig en hebben vaak een negatief zelfbeeld.
anti_pesten-300x157Ze hebben soms moeite met sociale vaardigheden en zijn vaak geïsoleerd. Hoewel de gepeste fysiek vaak zwakker is dan de pester, hebben kenmerken als gewicht, kleding of het dragen van een bril over het algemeen minder invloed dan gedacht. Gepeste kinderen hebben wel moeite om zichzelf te verdedigen. Ze voelen zich machteloos tegen over de pester. Gepeste kinderen voelen zich vaak erg eenzaam.

Daarnaast is er een groep kinderen die geen actieve rol speelt in het geheel, maar die wel bepalend is voor het voortduren van het pestgedrag. Pestende kinderen kunnen zich gesterkt voelen door de zwijgende instemming van derden.

Veel voorkomende pesterijen:

  • Volstrekt dood zwijgen
  • Isoleren
  • Psychisch en of fysiek mishandelen
  • Slaan of schoppen
  • Voortdurend zogenaamde leuke opmerkingen maken over een teamgenoot
  • Bezittingen afpakken of stuk maken
  • Jennen
  • Het slachtoffer voortdurend de schuld van iets geven
  • Opmerkingen maken over kleding of uiterlijk
  • E-mails of mobiele berichten met een bedreigende of beledigende inhoud versturen
  • Beledigende afbeeldingen van het slachtoffer digitaal verspreiden of op internet plaatsen.

Wat te doen bij ongewenste intimiteiten​?

Definities

downloadOnder sportbetrokkene wordt in deze leidraad verstaan, leden,
ouders/verzorgers, begeleiders, betaalde/onbetaalde trainer en/of coach. Deze leidraad geldt voor zowel mannen als vrouwen; benamingen die worden gebruikt gelden dus voor beiden.

Onder professioneel wordt in deze leidraad verstaan de kwaliteit van het handelen of het nalaten, overeenkomstig de geldende (maatschappelijke) standaard en opleiding. Betaling doet hierbij niet ter zake
Deze procedure heeft de volgende doelstellingen:

1. Het bieden van de mogelijkheid tot het uiten van een klacht omtrent ongewenste intimiteiten.

2. Het bieden van richtlijnen bij het oplossen van deze klachten.

Inleiding

In deze procedure wordt per stap ingegaan op wat te doen bij ongewenste intimiteiten.

Stap 1

Indien de sportbetrokkene wordt geconfronteerd met ongewenste intimiteiten spreekt hij of zij in eerste instantie de persoon in kwestie hier op aan en geeft te kennen dat hij of zij zich op dit terrein onheus of onjuist behandeld voelt.

Stap 2

Als de sportbetrokkene het moeilijk vindt dit zelf aan te kaarten, is het mogelijk daarvoor ondersteuning te vragen bij het bestuur of de vertrouwenspersoon.

Uitgangspunt is dat dit gebeurt binnen twee weken nadat de situatie zich heeft voorgedaan.

Tijdens deze fase is het mogelijk dat de vertrouwenspersoon en of het bestuur een bemiddelende rol kan vervullen, om zo het conflict in de informele sfeer op te lossen.

Stap 3

De vertrouwenspersoon begeleidt de klager desgewenst bij verdere procedure en verleent desgewenst bijstand bij het doen van aangifte bij politie of justitie.

Stap 4

De vertrouwenspersoon verwijst de klager, indien en zover noodzakelijk of wenselijk, naar andere instanties gespecialiseerd in opvang en nazorg.

Stap 5

Als er slechts aanwijzingen zijn, doch geen concrete klachten zijn bereikt, kunnen deze in kennis worden gebracht bij het bevoegde gezag.

Stap 6

De vertrouwenspersoon geeft gevraagd of ongevraagd advies over de door het bevoegd gezag te nemen besluit.